Het voorliggende boek is een van de weinige Nederlandstalige boeken waarin de Belgische betrokkenheid tijdens de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939) onder de loep genomen wordt. Op zich is dat al een aanbeveling waard. Maar er is meer. Deze oorlog was ook een internationale oorlog waarin het kleine België proportioneel een aanzienlijk aandeel had. Politieke en syndicale (in de eerste plaats socialisten en communisten) krachten in België poogden de Spaanse republiek aan de broodnodige wapens te helpen, ook toen de voor de republiek dodelijke vallen (onder meer de gesloten grenzen van de Frans-Spaanse grensovergangen) van de non-interventie dichtklapten. Inzake hulpverlening stuurde België niet alleen voedsel of kledij. Vanuit ons land vertrok eveneens medisch en verplegend personeel, zoals de vrouwen, ter plekke ‘las mamas belgas’ genoemd, die in een oorlogshospitaal in de regio van Valencia werkten. De geschiedenis van zij die vanuit België naar Spanje vertrokken, is voornamelijk een geschiedenis van vele ‘kleine’, meestal anoniem gebleven mannen en vrouwen. Hetzelfde geldt in de meeste gevallen voor wie van Spanje naar België kwam.
In totaal vertrokken 2000 vrijwilligers vanuit België naar het Iberische land om te vechten in de gelederen van de Internationale Brigades aan republikeinse zijde. Hiervan was twee derde Waal. Van deze 2000 sneuvelden er driehonderd of 12 %. Hiertegenover staan de veertig Belgen (waaronder heel wat leden van de adel) die streden in het leger van Franco nogal magertjes. Het moet echter geschreven worden dat de nationalisten, in tegenstelling tot de republikeinen, geen propaganda maakten om buitenlandse vrijwilligers te ronselen.
Republikeinse vrijwilligers moesten niet rekenen op hulp van de Belgische ambassade in Madrid als er iets fout liep. Ook niet wanneer iemand gewond werd of sneuvelde. Integendeel! Heel wat vrijwilligers werden bij hun terugkeer gerechtelijk aangehouden en vervolgd — zeker zij die tijdens hun militaire dienstplicht de voorkeur gaven naar Spanje te vertrekken. Zij werden na hun terugkeer vervolgd als deserteurs.
Belgen, zo weten de schrijvers Vincent Scheltiens en Sven Tuytens ons te vertellen, namen onder meer deel aan de veldslagen rond Madrid, Teruel, de oversteek van de Ebro en Figueras. In de herfst van 1938 keerden de meeste Brigadisten terug naar huis.
De Spaanse Burgeroorlog betekende ook de definitieve doorbraak van de oorlogscorrespondent. De grote namen van de internationale pers (Ernest Hemingway, W.H. Auden, George Orwell, Arthur Koestler, ...) trokken massaal naar Spanje om verslag uit te brengen. Ook uit België kwamen er enkele zoals de avontuurlijke Oostendenaar Mathieu Corman, de stichter van de nog steeds bestaande boekhandel in de badstad. Hij was algauw de mening toegedaan dat de strijd in Spanje meer was dan alleen maar een burgeroorlog. Corman was als journalist verbonden aan de Franse krant Ce Soir, waarvan de communistische dichter Louis Aragon eigenaar was. Corman leefde in Spanje als een weerspannige anarchist die zijn ‘goesting’ deed en stak heel wat op. Onder meer was hij getuige van het Duitse bombardement op het historische Baskische stadje Guernica.
Andere hoofdstukken uit het verzorgd uitgegeven en geïllustreerde boek handelen onder meer over de Spaanse weeskinderen die naar België kwamen, de Belgische economische ambities en een heel bijzonder interessant historiografisch overzicht van de Belgische betrokkenheid in de burgeroorlog. Kortom het is een steengoed boek.
Slechts twee opmerkingen. Op p. 70 staat geschreven dat Adolf Hitler middels een staatsgreep in januari 1933 aan de macht kwam. Een veelgemaakte fout. Hitler werd door de toenmalige rijkspresident von Hindenburg tot rijkskanselier benoemd. Tweede opmerking: waarom zond de uitgever dit vlot geschreven boek registerloos de wereld in?