Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.

Zoeken  Genre 

 TitelAuteurDatum
De Bourgondische vorsten (1315-1530), 6de herwerkte editie Edward De Maesschalck 14/09/2020
Mijn lieve Calpurnia. Romeinse vrouwenportretten. Vertaald en toegelicht door Vincent Hunink. Ingeleid door Emily Hemelrijk Plinius 14/09/2020
Byzantijns Europa. Een geschiedenis Raymond Detrez 14/09/2020
De vrouw die van Picasso bleef houden. Vertaling door Paul van der Lecq Julia Blackburn 14/09/2020
De republiek of de dood. Philippicae en brieven. Vertaald en toegelicht door John Nagelkerken Cicero 14/09/2020
Kris Martin. Exit Philippe Van Cauteren, Jens Hoffmann en Tim Vanheers 14/09/2020
Broederstrijd in Korea. Het oneindige conflict tussen Noord en Zuid Sheila Miyoshi Jager 14/09/2020
Hölderlin. Biografie van een mysterieuze dichter Rüdiger Safranski 14/09/2020
Dondersteen Johan de Boose 07/09/2020
Peter de Grote. Een biografie Robert K. Massie 07/09/2020
Berichten van het front. Gedichten Anna Enquist 07/09/2020
De Val van Thomas G. Nelleke Noordervliet 07/09/2020
De kleine geschiedenis van de moderne kunst. Stromingen, werken, thema’s, technieken Susie Hedge 07/09/2020
Begeerte Manon Uphoff 07/09/2020
Romans. Vertaald en van aantekeningen en een nawoord voorzien door Froukje Slofstra I.S. Toergenjev 07/09/2020
Graz. De ochtend komt toch Bart Moeyaert 07/09/2020
De veelstemmige man. Verzameld toneelwerk 2007-2020 Ilja Leonard Pfeijffer 25/08/2020
Het stad in mij. Stadsgedichten 2018-2019 Maud Vanhauwaert 25/08/2020
Het failliet Arnoud van Adrichem 25/08/2020
Zat het snor? Een geschiedenis van kat en mens in de Lage Landen Erik Aerts 25/08/2020
12345678910...Laatste

De republiek of de dood. Philippicae en brieven. Vertaald en toegelicht door John Nagelkerken

Cicero
De republiek of de dood. Philippicae en brieven. Vertaald en toegelicht door John Nagelkerken
Athenaeum - Polak & Van Gennep, 2020, 412 blz., EUR 29,99
ISBN: 9789025310714

Wellicht de meest beschreven periode van de Romeinse geschiedenis, misschien wel van de hele oudheid, is de eerste eeuw voor Christus, waarin de Oude Republiek overgaat in de keizertijd. Wie in de materie geïnteresseerd is, heeft waarschijnlijk al veel leesvoer op de plank staan. Rubicon van Tom Holland is heel bekend, maar veel auteurs hebben zich aan een relaas van de gebeurtenissen gewaagd, waarbij ze al dan niet focussen op een bepaalde periode: de opkomst en ondergang van Caesar, Octavianus die zijn principaat uitbouwt of een overzicht van de hele eeuw.                               
Dat er zo veel lectuur voor handen is, heeft niet alleen te maken met het belang of het opwindende karakter ervan, maar ook met het overgeleverde bronnenmateriaal. Eén van de hoofdverantwoordelijken daarvoor is Marcus Tullius Cicero: advocaat en redenaar, actief als filosoof, maar ook als politicus, verdediger van de oude republiek waar de Senaat de lakens uitdeelde. John Nagelkerken focust in De Republiek of de dood op een heel korte periode, van 15 maart 44 tot 27 juli 43 voor Christus, en hij pakt het anders aan. Mochten schrijvers regisseurs zijn, dan waren de meeste boeken documentaires waar een vertelstem de gebeurtenissen beschrijft. Dit boek neemt een andere vorm aan, een waarbij de hoofdpersonage zelf aan het woord komt, soms als in een interview, soms op archiefmateriaal van publieke optredens. Tussen die fragmenten houdt een voice-over ons bij de les of verbindt die de verschillende eindjes aan elkaar.                   
We lezen in Cicero’s persoonlijke brieven (aan zijn vriend Atticus, aan andere kennissen, soms van anderen die in hetzelfde corpus zijn overgeleverd) hoe hij de situatie vlak na de dood van Caesar inschatte en hoe hij actief probeert de gebeurtenissen naar zijn hand te zetten, onder meer door de jonge Octavianus te bewerken, die Caesar onverwachts in zijn testament als opvolger aanduidde. We zien hem echter ook aan het werk in de Senaat, waar hij uitvaart tegen Marcus Antonius. Nooit vies van wat zelfoverschatting noemt hij die de Philippische redevoeringen, waarmee hij zichzelf vergelijkt met Demosthenes en impliciet ook Antonius met Philippos van Makedonië gelijkstelt.                         
Waar Cicero niet aan het woord is, houdt John Nagelkerken het kort en to the point. De inleiding is helder en goed en tussen de brieven en redevoeringen door worden de omstandigheden en belangrijkste personages geschetst. Ook de vertaling is helder, al houdt hij zich wel aan de lange en soms complexe periodes die Cicero hanteert, maar die, zeker in de redevoeringen, zo kenmerkend zijn voor zijn stijl. In voetnoten wordt verder uitgeweid over allusies die die voor ons niet meer duidelijk zijn of wordt extra info verstrekt.                                                 
Het mooie aan deze manier van werken is dat het meer beklijft dan een pure beschrijving kan doen. Als je weet hoe het afloopt, lezen Cicero’s loftuitingen op Octavianus zeer wrang. In zijn laatste brief, aan Brutus die op dat moment in Griekenland zit, voorvoelt hij al dat het de verkeerde kant opgaat: Octavianus is iemand met karakter, maar op een plooibare leeftijd. Hij hoopt dat de republiek er geen spijt van zal hebben dat hij hem probeerde te begeleiden. En half jaar later zaten Octavianus en Antonius in Bologna bijeen en stelden ze een lijstje op van personen die een alliantie tussen hen beiden in de weg stonden. Antonius wou zijn nemesis weg, en Octavianus bleek inderdaad plooibaar. Cicero zwierf toen al een tijdje van landgoed naar landgoed, nog naarstig schrijvend aan zijn laatste filosofische traktaten, maar werd op 7 december in Caieta door een gewapende groep om het leven gebracht. De republiek of de dood? Het werd voor Cicero het laatste, al bleek ook het eeuwige leven voor hem weggelegd.

[Dieter Wildemauwe - 14/09/2020]