Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.

Zoeken  Genre 

 TitelAuteurDatum
U wordt door niemand verwacht. Nederlandse joden na kampen en onderduik Michal Citroen 05/05/2021
Dodenberg Christian de Coninck 05/05/2021
Het huis van de dichter Herman Leenders 05/05/2021
Sabines oorlog: hoe mijn moeder de kampen overleefde Eva Taylor-Tazelaar 05/05/2021
Overleven als Nacht und Nebel. Een verhaal van twee jaar geweld en ontbering Pieter Paul Baeten 05/05/2021
Bespiegelingen van een schuldige toeschouwer Thomas Merton 05/05/2021
De kast Leo Pleysier 05/05/2021
Ik is een ander – Septologie III-V Jon Fosse 05/05/2021
De doden voorbij Jo Claes 05/05/2021
Ik schrijf gedichten omdat ik een toeval ben Jidi Majia 05/05/2021
Roedel. Een alternatieve geschiedenis van Joegoslavië Guido van Hengel 05/05/2021
Erasmus dwarsdenker. Een biografie Sandra Langereis 05/05/2021
Daar werd wat gruwelijks verricht. Slavernij in Nederlands-Indië Reggie Baay 05/05/2021
Het leugenlabyrint Paul Binnerts 05/05/2021
Op de weg van Appia. Een capriccio reisgedicht van Rome naar Brindisi, met tekeningen van Bart Pluym Michaël Vandebril 28/04/2021
XVI. De zinderende 16e eeuw. Habsburgers, heksen, ketters & oproer in de Lage Landen Francis Weyns 28/04/2021
Historische atlas van Zeeland. Stad en dorp, land en water in vier eeuwen cartografie Aad P. de Klerk 28/04/2021
Churchill en de Blitz Erik Larson 28/04/2021
Napoleon de Grote Andrew Roberts 28/04/2021
Vrijheid. Een woelige geschiedenis Annelien de Dijn 28/04/2021
12345678910...Laatste

XVI. De zinderende 16e eeuw. Habsburgers, heksen, ketters & oproer in de Lage Landen

Francis Weyns
XVI. De zinderende 16e eeuw. Habsburgers, heksen, ketters & oproer in de Lage Landen
Borgerhoff & Lamberigts, 2021, 495 blz., EUR 35,00
ISBN: 9789463934299

Historicus Francis Weyns beschrijft in een boek met de wat ongewone titel XVI de geschiedenis van De zinderende 16e eeuw, zoals de eerste ondertitel luidt. Weyns’ werk is een vulgariserende historische synthese over de 16de eeuw in de Nederlanden. Het bestrijkt de periode vanaf omstreeks 1477 – het jaar van de onfortuinlijke nederlaag en dood van de laatste Bourgondische hertog Karel de Stoute voor de muren van Nancy en daarmee het feitelijke einde van het autonome Bourgondische statencomplex – tot 1598 met de dood van de Spaanse Habsburger Filips II, de ‘Voorzichtige Koning’. Men kan het werk in zekere zin zien als de voortzetting van Bart Van Loo’s bestseller De Bourgondiërs (2019).
Weyns structureert zijn werk in tien hoofdstukken, overwegend geordend volgens de opeenvolgende regerende landsheren, Karel de Stoute, Maria van Bourgondië en Maximiliaan van Oostenrijk, Filips de Schone en Johanna van Castilië, Karel V en ten slotte Filips II. Hij doorbreekt de chronologische volgorde enigszins met hoofdstuk 4 ‘Een eeuw van grote verandering’ over de sociaal-culturele transformatie van humanisme en renaissance met figuren zoals Erasmus, Vesalius en Mercator, en met hoofdstuk 6 ‘Jacht op ketters’ over de reformatie met haar impact op de Nederlanden. Hoofdstuk 8 ‘Prins zonder land, graaf zonder hoofd’ en hoofdstuk 9 ‘De vlucht uit Antwerpen’ behandelen dan de Nederlandse Opstand of Tachtigjarige Oorlog tot de aanvang van de 17de eeuw. Hoofdstuk 10 ‘De duivel en zijn vrienden’ gaat uitgebreid in op het verschijnsel hekserij en sluit af met de dood van de voorzichtige koning Filips II.
De tweede ondertitel Habsburgers, heksen, ketters & oproer in de Lage Landen geeft aan dat Weyns aandacht wil hebben voor alle domeinen van de geschiedenis: politiek, samenleven, cultuur en economie. Hij weidt regelmatig uit over niet-politieke aspecten, zoals o.a. diplomatie en reizen, dynastieke verstandshuwelijken en bastaarden, feesten en inhuldigingen, eetcultuur en volkscultuur, ketters en inquisitie. Regelmatig grijpt hij terug naar de voorgeschiedenis van fenomenen om die historisch te kaderen. Toch gaat de meeste aandacht naar de dynastiek-politieke geschiedenis, wat ook blijkt uit de kleurenkatern die, op Luther na, allemaal afbeeldingen van politieke figuren bevat.
Het werk heeft inleiding, noch uitleiding, besluit noch epiloog, en evenmin voetnoten, maar wel een bibliografie. De auteur mikt dus duidelijk op vlotte leesbaarheid, waar hij zeker in geslaagd is. Toch wordt niet elke bewering hard gemaakt, zoals de laatste zin van zijn werk. ‘… de basis voor onze culturele identiteit werd in de zestiende eeuw gelegd.’ Misschien is dit toch een overwaardering van het nieuwe van de 16de eeuw en onderschatting van de continuïteit met de vorige eeuwen. Dat het middeleeuwse memento mori veld moest ruimen voor het antieke en herboren carpe diem, gold ongetwijfeld enkel voor een elite en de ‘bovenlagen’ van de samenleving. Het gros van de bevolking was en bleef bezig met overleven. Dit neemt niet weg dat Francis Weyns een panorama van de 16de eeuw presenteert, dat zich vlot laat lezen, niet in het minst door de opname van talrijke anekdoten. Die mogen misschien niet allemaal waarheidsgetrouw zijn, maar ze leren wel hoe men het verleden percipieert en interpreteert.

[Walter Smits - 28/04/2021]