Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.

Zoeken  Genre 

 TitelAuteurDatum
Gestel en De Smet. Kleurrijke vriendschap Kees van der Geer 25/08/2026
Hemellichamen aan de uiterste rand van de wereld (vert. Marcel Otten) Jon Kalman Stefansson 25/08/2026
De dagen van Glas Nicoletta Verna 21/08/2026
De ziel van de wereld. Een portret van Max Wildiers (1904-1996) Toon Horsten (red.) 21/08/2026
God. Naar een andere filosofie Erik Meganck 21/08/2026
Sekse doet ertoe. Hoe mijn visie op gender en de queertheorie veranderde Jantine Nierop 21/08/2026
Boudewijn. De biografie Vincent Dujardin 21/08/2026
Annalen (vert. Vincent Hunink) Tacitus 21/08/2026
De beginnende en de beste redenaar (vert. Vincent Hunink, inl. Bé Breij) Marcus Tullius Cicero 21/08/2026
Aldus de doden (vert. Caroline Meijer) Doireann Ni Ghriofa 21/08/2026
Gepassioneerd & onvolwassen. Een portret van Klaas Gubbels in zijn eigen woorden Roos Custers 21/08/2026
Expeditie Kunst. Volledig herziene editie Sofie Van de Velde 21/08/2026
Charley Toorop en Pyke Koch. Alles of niets Carel Blotkamp en Mieke Rijnders 14/08/2026
Ferdinand Snellaert. Pionier van de Vlaamse politiek, 1809-1872. Biografie Ludo Stynen 13/08/2026
Bloedrode dageraad. De Tweede Wereldoorlog en de geboorte van het moderne Azië Hans van de Ven 13/08/2026
Masdoelhak en Adriana of de toegedekte moorden van de Indonesiëoorlog Frank Vermeulen 13/08/2026
Weimar. Leven op de rand van de afgrond Katja Hoyer 13/08/2026
Dark Enlightenment. Hoe een nieuwe radicaal-rechtse ideologie de wereld verovert Arnaud Miranda 13/08/2026
Een verwittigd man is niets waard Dimitri Verhulst 04/08/2026
Het raadsel van de anderen Benno Barnard 04/08/2026
12345678910...Laatste

Emile Claus. Prins van het luminisme

Johan De Smet
Emile Claus. Prins van het luminisme
Hannibal, 2024, 224 blz., EUR 55,00
ISBN: 9789464941494

Honderd jaar geleden overleed Emile Claus, de schilder die als geen ander zonlicht over het Leielandschap strooide en van het landleven het zwaartepunt van zijn kunst maakte. In de oeuvrecatalogus ontleedt  kunsthistoricus Johan De Smet de picturale evolutie van Claus vanaf zijn academiejaren in Antwerpen, over zijn gloriejaren in Villa Zonneschijn, tot het wegdeemsteren van zijn roem na de Eerste Wereldoorlog. Van jaar tot jaar wordt nagegaan hoe de schilder van traditionele portretten en genretaferelen in een bruinig coloriet, via een door de Fransen geïnspireerd naturalisme, bij een persoonlijke interpretatie van het impressionisme uitkwam, dat door de Belgische kunstwereld tot “luminisme” gedoopt werd. 
Liet men zich vroeger soms laatdunkend uit over het zwichten van Claus voor het succes van zijn goed in de markt liggende kunst, die de landelijke idylle al te zonnig in beeld bracht, dan legt De Smet eerder de nadruk op Claus’ “lenigheid van geest”, diens levenslange en onvermoeibare geestdrift om zich te herbronnen en op zoek te gaan naar nieuwe uitdrukkingswijzen en motieven. Zijn uitgebreide netwerk en buitenlandse reizen hielden de schilder scherp voor de veranderende tijdsgeest, maar deden hem ook beseffen dat de Leiestreek rond Astene zijn uitgelezen biotoop was. In het zompige licht boven de meersen, in de met zon doorspikkelde dreven en met sneeuw bedekte landschappen, in de  lange schaduwen, de weerspiegelingen op het water en de kleuren van zijn tuin, vond Claus alles wat hij nodig had om zijn liefde voor de natuur te verbeelden. Toen hij omstreeks 1890 de winters in Parijs doorbracht schreef hij aan zijn vriend Albijn Van den Abeele dat zijn schilderijen hem “hier in Parijs menigmaal terugbrengen in ’t vette Vlaamsche land; daar alleen kan en wil ik borstelen”. Dat Claus oppervlakkig was en voorbijging aan de armoede van het landvolk klopt ook niet, zo blijkt uit getuigenissen van gulle schenkingen die hij deed. Claus wou echter geen aanklager zijn, maar een pleitbezorger van het platteland als oord van schoonheid, rust, eenvoud en respect. Toen hij in de oorlog naar Londen verhuisde was het voor hem als buitenmens dan ook niet eenvoudig om zijn draai te vinden, maar eenmaal gesetteld in een atelier met uitzicht op de Thames was hij weer gelanceerd voor ontelbare studies van licht en water, in het spoor van voorgangers als Turner en Monet. Veel aandacht besteedt De Smet ook aan Claus’ doordachte composities en hoe hij daarin groeide, naar zijn gedoseerd toepassen van de impressionistische stippen- en vlekkentechniek, naar het slim aanwenden van het tegenlicht en zijn bezetenheid omtrent de kwaliteit van de olieverf. Voor biografische anekdotes ben je in dit boek niet aan het juiste adres, maar des te meer voor een grondige doorlichting van Claus’ oeuvre. Details over zijn contacten, tentoonstellingen en reizen vind je in de biografie achteraan de catalogus. 
Na honderd jaar blijkt Claus een van de sterkhouders van de Belgische kunst te zijn en een die op geen enkele manier aan het zo graag aangehaalde “Belgische surrealisme” kan gekoppeld worden. Daarvoor was de man te veel opgetrokken uit de aarde en het water van de Leiestreek tussen Deinze en Gent. In een tijd waarin het landelijke steeds meer de plaats ruimt voor bebouwing, voeden Claus’ taferelen meer dan ooit het heimwee naar plekken waarin mens en natuur in symbiose leven.

[Sabine Alexander - 24/10/2024]