Hieronder vindt u de jongste recensies. Selecteer een genre, vervolgens selecteer de recensie die u wenst u te bekijken en klik tenslotte op 'Lees recensie'.

Zoeken  Genre 

 TitelAuteurDatum
De ravijnenvuller Guido van Heulendonk 22/10/2026
Systemen van tederheid (vert.Edgar de Bruin) Marek Sindelka 22/10/2026
De schilders van ‘De Kempen’ Kristof Ruelens (red.) 22/10/2026
Léon Spilliaert. From the Depths of the Soul. Updated Edition Anne Adriaens-Pannier 19/10/2026
Flaneren moet je leren Christiaan Weijts 19/10/2026
Katholiek geloven voor beginners Bart Paepen 19/10/2026
De coulissen van de Wetstraat. Vergeten verhalen uit de Belgische politiek Ivan De Vadder 19/10/2026
Reizen met klasse. Jeruzalempelgrims uit de Lage Landen rond 1500 Peter Stabel 19/10/2026
De vergeten Ridder. Het onbekende leven van Boudewijn van Heile (ca. 1254 – 1320) Xander Bruins 19/10/2026
Agrippa (vert. Rogier van Kappel) Robert Harris 19/10/2026
Koekoek Marieke de Maré 19/10/2026
Beduveld Christian de Coninck 19/10/2026
John Cale. Underdog in de underground Wouter Bulckaert 19/10/2026
God is minder dood dan we zeggen. Over de heropleving van de katholieke Kerk in West-Europa Erik De Smet 19/10/2026
De rector. Een universiteit in het verzet (1940-1944) Bert Cornelis 19/10/2026
In goede en kwade dagen Stefan Brijs 06/10/2026
Geheime levens Jo Claes 06/10/2026
Gevangen in vrede. Bosnië en Herzegovina, 30 jaar na de oorlog Marjolein Koster 06/10/2026
In het huis van de dichter Jan Brokken 06/10/2026
Geschiedenis zonder plan. Over keuzes, toeval en gevolgen Wim Jurg 06/10/2026
12345678910...Laatste

Decem

Anne Provoost
Decem
Querido, 2024, 74 blz., EUR 20,00
ISBN: 9789025317836

‘Ongelegenheidsgedichten voorn asielverstrekkers’: zo luidt de ondertitel bij ‘Decem’ van Anne Provoost. Een directe vingerwijzing meteen voor de toon en de aanpak van de dichter: in haar verzen kiest Provoost zonder omwegen de kant van de vluchtelingen die asiel vragen in het land waar ze zijn aangekomen, maar daarbij op muren van onverzettelijke ambtenarij botsen en vaak, al te vaak hun aanvraag afgewezen zien. In tien stadia, voorafgegaan door een nulde nummer (‘nullus’), brengt Provoost met veel empathie het proces in kaart waar een man, die de tocht over zee heeft overleefd, doorheen moet om het verlies van zijn vrouw (‘vissers legden haar /  al in haar inheemse graf’)  en (ongeboren) kind te verwerken en ondertussen moet wachten en blijven wachten op het al of niet goedkeuren van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning. In ‘Nullus’ staat de ramp centraal, ‘we komen in snelstromend water het roer breekt de wil van het vaartuig’. Met telkens boven iedere stap die verder wordt gezet een korte, in zijn ambtelijke taal neergezette introductietekst (ook typografisch duidelijk onderscheiden van de gedichten zelf) volgt dan van ‘unus’ tot ‘decem’ het relaas van de psychologische ontreddering van de man die achter het lyrische ik in de bundel schuilgaat. Het levert krachtige gedichten op, waarin directe allusies op de feiten vermengd worden met een beeldenarsenaal dat verder reikt dan de voor de hand liggende werkelijkheid. Uit ‘unus’: ‘mijn menselijke pasvorm verzakte / ik draaide en draaide /  als een kompas dat / op tilt slaat boven een aardpool / over eeuwig de vraag: / spoelt wat niet aanspoelt terug?’ (p. 21)  In het veelvoud van verhalen die anderen doen (‘iedereen heeft hier een fictief narratief ‘ – p. 51) zoekt de ik zichzelf terug, ‘we laten vage sporen achter / als bloemgeesten met druppelirrigatie / of slakken met een schelp als een farce’ – p. 50). Gaandeweg wordt een mogelijke opening geforceerd naar een leefbare wereld, zoals gesuggereerd wordt in het slotgedicht ‘decem’: ‘ik noem weer haar naam / en ik blijk te bestaan, of tenminste, mijn lichtgedachten gaan aan’ (p. 73).   ‘want de toekomst zal blijken / en het onderzoek loopt // maar ik hoor als ik eerlijk ben / altijd nog stemmen op zee’ (p. 74)
Mede door de afgemeten beeldspraak overstijgt de bundel ‘Decem’ de voor de hand liggende benadering van de vluchtelingenproblematiek. Anne Provoost raakt een gevoelige snaar bij de lezer, maar weet door haar eigenzinnige aanpak een eigen toon en sfeer te creëren die de gedichten ook als taalcreatie een persoonlijk signatuur meegeven.

[Jooris van Hulle - 25/11/2024]